In het Nationaal BIM Handboek gebruik we diverse termen. Er zijn vele interpretaties mogelijk van een aantal termen. In het Handboek proberen we over alle onderwerpen dezelfde definities en termen te gebruiken. Hieronder een overzicht. Er is veel discussie mogelijk over deze definities. Voor ons is het vooral de bedoeling om duidelijkheid te geven wat we bedoelen als wij deze gebruiken.
De termen staan gesorteerd op alfabet.

  • As-Built: Zoals gerealiseerd. Een BIM dataset van het gerealiseerde gebouw. Model waarin elementen staan zoals voorgesteld met relevante aanpassingen zoals in het werk gerealiseerd. Het detailniveau/informatieniveau staat niet vast. In de praktijk is dit vaak een (ontwerp)model wat tijdens de bouwfase is bijgewerkt (revisies).
  • Aspectmodel: model van een aspect van het gebouw. Een aspectmodel is een onderdeel van een discipline. In de praktijk zijn er meerdere aspectmodellen per discipline. Zo kan een constructie model (discipline) uit de aspectmodellen voor fundering en rest bestaan. Typisch voorbeeld is ook het splitsen van de E en W aspectmodellen binnen het disciplinemodel van de installaties.
  • BIM; bouwwerk informatie model: Dit is een set van data wat een bouwwerk representeert.
  • Coördinatieapplicatie: Software waarmee aspectmodellen met elkaar worden afgestemd.
  • Disciplinemodel: Model, of verzameling van modellen van een bepaalde discipline van een gebouw (bijvoorbeeld constructie, architect, etc). Disciplines (volgens NEN 2574) kunnen zijn: Bouwkundig; Constructie; Installatie (E,W,S enz.. zijn aspectmodellen); Inrichting (vaste en losse inrichting; meubels);Terrein.
  • Geometrisch detailniveau: aantal geometrische elementen per m3
  • Leveranciermodellen: Een aspectmodel gemaakt door een leverancier/producent. Dit is een model waarmee ook de productie wordt aangestuurd.
  • LOD: gebruiken we eigenlijk alleen nog maar om frustraties te delen. Omdat er geen goede definitie is van de term LOD, noch van de 100 tot 500 niveaus, levert dit veel te veel onduidelijkheid op. Om te voorkomen dat een Nederlandse definitie een bijdrage levert aan de onduidelijkheid gebruiken we de BIM Informatieniveaus. Meer hierover op http://nationaalbimhandboek.nl/onderwerpen/informatieniveaus/
  • Modelleerapplicatie: software waarmee BIM data wordt opgebouwd/bewerkt.
  • Ontwerpmodel / ‘as designed’: Zoals ontworpen. Model op en met status informatieniveau 3.
  • Referentiemodel: (gedeelte van) een of meerdere modellen (van een ander) wat als referentie wordt gebruikt bij het modelleren. Dit model bevat informatie wat nodig is voor een gebruiker om zijn aspect in te vullen.

Rollen: voor BIM rollen termen zoals ‘BIM Manager’, ‘BIM regiseur’, ‘BIM coordinator’, etc. proberen we de definites van de BIR te hanteren. Zie hiervoor de BIR kaart op
http://www.bouwinformatieraad.nl/wp-content/uploads/2014/10/Kenniskaart-3-BIM-rollen-en-competenties.pdf