BSDD

Nog in te vullen…

mvdXML

Nog in te vullen

BuildingSMART Benelux

Het BeNeLux chapter (afdeling, regio) van BuildingSMART International wat zich vooral richt op promotie van BIM en de open standaarden van BuildingSMART.

Meer info:

OpenBIM

~ Open Building Information Modeling

Naast de term ‘BIM’ is de laatste tijd ook de term ‘openBIM’ steeds vaker te horen. Net als met BIM bedoelen verschillende mensen ook met openBIM verschillende dingen.

Een eerste formeel vastgelegde definitie is in April 2011 vastgelegd door het open source BIM collectief: A transparent approach that enables all stakeholders to be informed of project methodology, data and results without the need or obligation to use prescribed software. Project stakeholders are free in their choice of software. In practice this means using open BIM standards like IFC, BCF and others.

Bij deze definitie ligt het accent op de vrijheid van keuze van software en data standaarden. Andere definities van openBIM leggen het accent op de toepassing (zelfs ‘verplichting’) van open standaarden uit de BuildingSMART portfolio.

Op 31 januari 2012 heeft BuildingSMART International een definitie bekend gemaakt: OPEN BIM is a universal approach to the collaborative design, realization and operation of buildings based on open standards and workflows. OPEN BIM is an initiative of buildingSMART International (bSI) and several leading software vendors using the open buildingSMART Data Model.

BuildingSMART international is sinds mei 2011 eigenaar van de termen ‘openBIM‘ en  ‘home of openBIM’ wat ook gebruikt wordt in hun logo.

MVD

~ Model View Definition

Een ‘model view’ is de manier waarop een bepaalde gebruiker (of softwaretoepassing) naar een (deel van een) modelschema kijkt.

De volledige IFC definitie bevat zo’n 900 verschillende afspraken voor het vastleggen van data van een gebouw. Voor bepaalde toepassingen is het helemaal niet noodzakelijk om ál die afspraken te hanteren In andere toepassingen wil men juist graag net iets meer vastleggen (en vaak is het een combinatie). Een constructeur bijvoorbeeld kan volstaan met alleen de constructieve afspraken van IFC en de energieadviseur met alleen de afspraken over ruimtes (ifcSpaces), maar wil wel graag zeker weten dat ook data aanwezig is van bepaalde eigenschappen die in ‘normaal IFC’ niet verplicht zijn.

Om dit soort specifieke situaties te ondersteunen zijn zgn. Model View Definitions ontwikkeld. Dit kan dus gezien worden als een soort van IFC plus/min; ook wel een ‘dialect’  van IFC genoemd. Een aantal veel voorkomende van dit soort ‘filters’ zijn vastgelegd in een definitie: een MVD. Dit is veelal een afsprakenset waarin beschreven staat wat (op IFC schema niveau) de eisen zijn bij een bepaalde kijk op een IFC model. Momenteel bestaan er niet zo veel van deze MVD’s. Vooral de MVD’s ‘Architectural view’ en ‘Coördination view’ worden veel gebruikt.

Belangrijk is dat het hier gaat om beperking en uitbreiding van het IFC afsprakenstelsel (het IFC schema) en niet over een specifiek gebouwmodel wat beschreven is in IFC (de data).

IFD: International Framework for Dictionaries – ISO 12006-3

De meeste objecten in een IFD library hebben in de datastructuur een overlap met elkaar. Zo hebben alle bouwproducten bijvoorbeeld een ‘naam’. De initiatiefnemers van de IFD library hebben besloten om dit soort data op dezelfde manier vast te leggen. Ook is vastgelegd hoe een link wordt gelegd naar andere objecten. Bijvoorbeeld een deur met scharnieren en glas: het concept ‘deur’ heeft een link naar de concepten ‘scharnier’ en ‘glas’.

Twee belangrijke voordelen zijn (1) dat bij het zoeken op een Nederlandse term de bibliotheek ook doorzocht wordt met de Engelse, Noorse, en diverse andere talen en (2) dat een zoekmachine dat geschikt is voor het doorzoeken van ISO 12006-3 compatible bibliotheken generiek toepasbaar is bij verschillende objectbibliotheken. Deze afspraak (die vergelijkbaar is met de Dublin Core) is vastgelegd bij de ISO en NEN organisaties onder nummer 12006-3.

Meer info:

IFD Library

Enkele jaren geleden zijn een aantal partijen gestart met het opstellen van afspraken voor uitbreiding van elementen in IFC. Samen zijn ze ondertussen bezig om een hele bibliotheek aan bouwkundige concepten te verzamelen. Bouwkundige concepten zijn bijv. gipskartonplaten, scharnieren, enz.. Het gaat hier dus om bouwkundige elementen die ‘concepten’ worden genoemd en die geen specifieke leverancier, noch geometrie bezitten. Ook hebben ze het aantal eigenschappen (properties) van bepaalde vaste IFC elementen zoals ‘deur’ uitgebreid.

Deze verzameling hebben ze in een zgn. bibliotheek gezet wat ze de ‘IFD library’ noemen. Deze bibliotheek wordt nog steeds aangevuld en de concepten (die fysiek op een server in Noorwegen staat) zijn te bekijken via een webservice-interface. De verwachting is dat geld gevraagd gaat worden per bezoek aan de bibliotheek, maar hier worden geen uitspraken over gedaan.

Uiteindelijk zal er in de bouw gewerkt worden met objectbibliotheken waar specifieke objecten (wel leveranciergebonden en wel met geometrie) in zullen staan. Er komen dan diverse producten die zijn beschreven volgens het beschreven ‘concept’ uit de IFD library. Een scharnier van leverancier A heeft een max. belasting die ‘maxNm’ wordt genoemd. Omdat leverancier B met zijn eigen bibliotheek hetzelfde ‘concept’ gebruikt voor een scharnier legt ook hij de max. belasting vast in ‘maxNm’ en zijn deze objecten onderling te vergelijken. De ‘concepten’ uit de IFD library worden dus gebruikt als een vertaling/relatie tussen verschillende specifieke objectbibliotheken.

Meer info: 

IFD: Uitbreidingsmechanisme van IFC

In IFC zitten een aantal vaste afspraken over hoe men bouwkundige elementen moet beschrijven en opslaan. Het gaat bijv. over muren, vloeren, deuren, daken, enz… Niet álle bouwkundige elementen zijn in IFC vastgelegd. Scharnieren of gipskartonplaten bijvoorbeeld niet. Dat zou de standaard te uitgebreid en complex maken om in de praktijk te gebruiken; daarnaast zou de standaard nooit af zijn. Daarom heeft IFC een uitbreidingsmogelijkheid (of ‘extensiemechanisme’) waardoor iedereen eigen nieuwe elementen kan aanmaken of extra eigenschappen aan bestaande kan toevoegen. Deze mechanismen worden in IFC genoemd respectievelijk ‘proxy’ (nieuw object zoals scharnier) en ‘propertysets’ (uitbreiden van eigenschappen van bijv. een deur). Met een beperkte groep mensen kun je samen afspreken wat en hoe je iets beschrijft. Daarmee ontstaat een mini-standaard voor die specifieke groep van mensen die zich houden aan de gemaakte afspraak. Hoewel de afspraken, en de structuur ervan, extern worden opgeslagen wordt de uiteindelijke data (dus de invulling van de eigenschappen) wel ‘gewoon’ in een IFC file geschreven.

Voorbeeld: verschillende partijen willen samen afspreken hoe ze voortaan informatie over een gipskartonplaat gaan uitwisselen. Verschillende partijen spreken af dat gipskartonplaten in hun IFC files een dikte, materiaal, geluidsisolatie en kleur hebben. Deze afspraak leggen ze vast in een definitie die ze ergens op internet zetten. Bij het uitwisselen van IFC data waar een gipskartonplaat in voorkomt worden vanaf nu altijd de vastgestelde eigenschappen ingevuld. In een IFC file staat dan bijvoorbeeld ‘12mm’, ‘gips’, ‘5db’ en ‘wit’. Ook staat er een link naar de plek op internet waar de afspraken te vinden zijn. In een andere file staan andere waarden (omdat het gaat om een andere gipsplaat), maar de structuur en de link naar de definitie is in al hun IFC files hetzelfde.

IFD

IFD is één begrip wat gebruikt wordt voor drie verschillende dingen. Het is erg verwarrend om één naam te hebben voor drie dingen, vandaar dat we het splitsen:

  1. Uitbreidingsmechanisme voor IFC
  2. IFD library
  3. IFD: International Framework for Dictionaries ISO 12006-3

ifcXML

~ Industry Foundation Classes eXtensible Markup Language

Als een gebruiker van BIM software een model exporteert naar IFC, dan gebeurt dat meestal in een zogenaamd ‘step’ bestand. Bij het openen van een dergelijk model in een teksteditor zoals ‘notepad’  of ‘wordpad’ zal de gebruiker een tekstfile zien met regelnummers en verwijzingen. Ook zijn de objecttypes zoals ‘WallStandardCase’ zichtbaar. Door verwijzingen van regelnummers kan de computer een heel IFC model opbouwen.

Een ifcXML file bevat inhoudelijk exact dezelfde IFC data. Het opgebouwde model zal in de computer dan ook tot hetzelfde resultaat leiden. Enige verschil is de manier waarop de data beschreven is. Bij openen van een ifcXML bestand in ‘notepad’  of ‘wordpad’ zal men geen regelnummers zien, maar een computertaal met haakjes zoals ‘<’ en ‘>’. Waar bij een step-bestand van IFC de objecttypes in hoofdletters werden geschreven aan het begin van de regel, staan deze data bij een ifcXML bestand tussen dergelijke haakjes.

De manier waarop de IFC data is beschreven (de syntax) is dus anders, maar de inhoud van de IFC data is hetzelfde. Deze verschillende manieren van beschrijven zijn mogelijk gemaakt om softwareleveranciers meer mogelijkheden te geven om IFC te ondersteunen. Beide manieren van beschrijven hebben elk hun eigen voor- en nadelen. Geen van beiden methoden is ‘de beste’. Meestal wordt de step methode gebruikt omdat deze de bron is en de kleinste bestanden oplevert.